Minder studierichtingen in het secundair onderwijs?

 

Deze week in het ochtendnieuws: “de Vlaamse regering start de gesprekken over hervorming van het secundair onderwijs terug op.” Die gesprekken waren voor de kerstvakantie vastgelopen op meningsverschillen tussen de verschillende politieke partijen. De regering wil naar minder studierichtingen en naar een duidelijkere finaliteit voor de overgebleven studierichtingen. Leiden minder studierichtingen tot minder kansen voor talentontwikkeling? Op het eerste zicht zou je volmondig met ‘ja, natuurlijk’ antwoorden, maar is dat wel zo?

Diverse klasgroepen

Waar we het met zijn allen waarschijnlijk wel over eens zijn is dat de diversiteit in de klas toeneemt. Of anders gesteld: de tijd van klassen met alleen maar brave, witte leerlingen is al lang voorbij en heeft waarschijnlijk nooit bestaan. Sociale lagen, nationaliteiten, religies, persoonlijkheden, persoonlijkheidskenmerken, interesses, normen, waarden en talenten kleuren klassen tot een bonte boel. Het is goed dat we dit zien en ermee leren omgaan. Diversiteit in klassen noopt ons tot vormen van onderwijs waarin iedereen aan zijn trekken komt. Het model waarin iedereen op hetzelfde moment hetzelfde traject doorloopt werkt niet meer voldoende om tot effectief onderwijs te komen.

Diverse studierichtingen

Het oude antwoord op die diversiteit was een grote waaier aan studierichtingen. Als iedereen kon kiezen voor een richting die tot zijn of haar mogelijkheden behoorde en die binnen zijn of haar interessegebied viel, dan werd de diverse klasgroep althans ogenschijnlijk terug homogener. Dit leidde in veel scholen tot de slogan: “Wij zetten in op ieders talent (want wij hebben veel studierichtingen)”. Alleen bleek dit in de praktijk niet altijd te werken. Leerlingen kiezen niet alleen op basis van hun interessegebied en mogelijkheden, maar ook voor hun vrienden, een haalbare afstand van en naar school of voor een gemakkelijkere richting zodat ze meer vrije tijd hebben. Bovendien zijn interessegebieden en talent niet hetzelfde. Een interessegebied kan je vertellen wat jou boeit, maar binnen een interessegebied kunnen er tal van talenten ontwikkeld worden.

Diverse talenten

Een talent is geen vaststaand gegeven, zeker niet in de leeftijdsgroep die straks moeten kiezen voor een studierichting. Die jongeren zijn volop in ontwikkeling. Ze ontdekken de wereld (en elkaar), ze leren voortdurend nieuwe vaardigheden en combineren die tot vaardigheden en tot iets wat voor hen uniek is. Wanneer jongeren in nieuwe contexten komen of nieuwe ervaringen kunnen opdoen, zal dit proces rijker worden, waardoor ze meer van zichzelf kunnen ontdekken. Talenten zijn dus hogere orde vaardigheden die voortdurend in ontwikkeling zijn. Vanuit die redenering is het dus vreemd dat het kiezen van een studierichting ieders talenten aan bod laat komen, al was het maar omdat het talentenprofiel bij jongeren nog sterk wijzigt.

Met minder studierichtingen kunnen we twee kanten uit. De eerste is dat deze keuze gezien wordt als een vorm van besparingen. Laten we hopen dat dit niet de bedoeling is. De tweede is dat we met minder studierichtingen (en evenveel mankracht) kunnen kiezen voor meer diverse leerprocessen. Daardoor hoeft de ontwikkeling van talent niet een keuze te zijn tussen studierichtingen, maar kan het een vorm van begeleiding worden binnen elke richting. Word ik de kapper die de modellen in de tijdschriften perfect kan knippen? Of eerder de innovatieve kapper die voor elke klant wel iets nieuws weet te fantaseren? Of ben ik eerder de leider in een grote kapperszaak omdat ik naast mijn kapperstalent ook goed ben in het begeleiden van anderen? Zal het onderwijs van de toekomst zo worden vormgegeven dat ik dit als jongere kan ontdekken? We moeten durven gaan voor minder studierichtingen en een grotere diversiteit aan vaardigheden binnen elke richting. We moeten durven gaan voor jongeren die de verantwoordelijkheid krijgen om zelf in dit proces keuzes te mogen maken. We moeten durven gaan voor vormen van evaluatie die dat in kaart brengen. Dan wordt talentontwikkeling voor elke jongere ook daadwerkelijk mogelijk.

 

Karel Moons.